Kinderen langer borstvoeding geven?

Knack - 22-11-2006

JA
NEE

Sociologe Anne Dedry van het Expertisecentrum Kraamzorg De Bakermat vindt dat vrouwen hun kind best zo lang mogelijk borstvoeding geven. Maar het allerbelangrijkste is correcte informatie.
'Borstvoeding is de meest natuurlijke voeding en ze is gezond voor het kind, voor de moeder en goed voor de samenleving. Moedermelk biedt zowel medische, psychologische, sociale, economische als milieuvoordelen.
Moedermelk is een uniek product dat aangepast is aan de ontwikkeling van het kind. Ze bevat niet uitsluitend voedingsstoffen, maar ook immuunstoffen die de baby beschermen tot hij sterk genoeg is om zichzelf te beschermen.
Borstvoeding beschermt tegen infecties, zoals diarree, luchtweginfecties en oorontstekingen. Hoe langer de moeder borstvoeding geeft, hoe meer voordelen. Door andere voeding te geven voor de leeftijd van zes maanden, vallen er beschermende bestanddelen weg die belangrijk zijn voor de weerstand van het kind.
Door borstvoeding te geven, raken de moeders sneller de vetreserve van de zwangerschap kwijt en hebben ze een verlaagd risico op borst- en ovariumkanker.
Het verspreiden van correcte informatie over borstvoeding is geen overbodige luxe, aangezien nog te vaak tegenstrijdige adviezen gegeven worden door gezondheidswerkers. Een goede begeleiding van voedende moeders is van primordiaal belang. Daarnaast vormt de steun van hun partner een belangrijke stimulans. Veel moeders stoppen vroegtijdig met borstvoeding omdat ze na het zwangerschapsverlof opnieuw gaan werken. Nochtans blijken heel wat langvoedsters erin te slagen om borstvoeding en werk te combineren, mits de nodige faciliteiten op de werkvloer of flexibele werkuren. Bijkomende aandacht voor deze faciliteiten en een mentaliteitswijziging bij de werkgever zijn nodig.

De Bakermat wil zich zeker niet profileren als een borstvoedingsmaffia die vindt dat iedereen in alle omstandigheden even lang borstvoeding moet geven. We leven gelukkig in een land waar alternatieven voorhanden zijn. Maar met de juiste begeleiding en correcte informatie is de kans groot dat elke borstvoeding een succes wordt.'

Professor Nik Van Larebeke (Studiecentrum Carcinogenese van de UG en werkgroep Milieu & Gezondheid) wijst op de negatieve effecten van toxische stoffen in moedermelk.
'Borstvoeding heeft veel gunstige effecten op baby's, vooral tijdens de eerste maanden. Maar ze bevat ook een groot aantal toxische stoffen, zoals dioxine, pcb's, PBDE-vlamvertragers en zware metalen. Concentraties dioxines en pcb's dalen nu wel, maar die van vlamvertragers en andere 'moderne' producten stijgen. Moedermelk bevat meer bioaccumulerende schadelijke stoffen dan vervangproducten. Borstvoeding heeft gunstige effecten voor de moeder. Ze verlost de moeder van een grote hoeveelheid toxische stoffen, maar die worden aan het kind doorgegeven.
Vele van deze stoffen hebben zelfs in zeer lage concentraties schadelijke effecten. De foetus en de baby zijn gevoeliger voor toxische stoffen, en blootstelling aan hormoonverstorende stoffen kan het kankerrisico op latere leeftijd bevorderen.
De opname van pcb's voor en na de geboorte remt de verstandelijke en motorische ontwikkeling van het kind. Blootstelling aan de stoffen tijdens de zwangerschap speelt daarbij de hoofdrol, maar ook borstvoeding is belangrijk. Het geven van borstvoeding gedurende een langere tijd leidt ertoe dat baby's in sommige tests voor mentale functies minder goed scoren. Niet alleen de intelligentie vermindert, ook gedragsstoornissen worden in de hand gewerkt.
Moedermelk is belangrijk in het leven van elk kind. Toch lijkt het mij voorzichtiger borstvoeding te beperken tot drie of zes maanden. Vooral oudere vrouwen, vrouwen die een hoger vetgehalte in het bloed hebben en bij het eerste kind is een langere borstvoeding wellicht niet aan te raden. Vrouwen ervan overtuigen om borstvoeding te geven is een goede zaak, maar ik vrees dat de negatieve effecten van een te lange borstvoeding te vaak onder tafel geschoven worden, net zoals andere problemen die met milieuvervuiling te maken hebben.'

samengesteld door eveline van alboom

Het standpunt van De Bakermat:

Bovenstaand contra standpunt in Knack heeft bij vele moeders vragen en bezorgdheid teweeggebracht. Hierin wordt gesteld dat moedermelk een groot aantal toxische stoffen bevat zoals dioxine, pcb's, PBDE-vlamvertragers en zware metalen, en dat het geven van borstvoeding gedurende een langere tijd ertoe zou leiden dat baby's in sommige tests voor mentale functies minder goed scoren en ook gedragsstoornissen in de hand gewerkt worden. Er wordt zelfs gepleit om de borstvoedingsperiode te beperken tot een drietal maanden.

Dergelijke desinformatie wekt onterecht de indruk dat kunstvoeding veiliger is dan borstvoeding. De voordelen van borstvoeding in het algemeen, en langdurige borstvoeding in het bijzonder zijn nochtans wetenschappelijk aangetoond.
De geïndustrialiseerde en hoogtechnologische samenleving maakt dat toxische stoffen alomtegenwoordig zijn in ons leefmilieu en in onze voeding. Baby’s en kinderen komen op verschillende manieren in contact met deze contaminanten: tijdens de zwangerschap via de placenta, later via moedermelk, via kunstvoeding, via andere voeding en via de omgeving waarin we leven. De concentratie pcb’s en dioxines die tijdens de zwangerschap aan de foetus wordt doorgegeven ligt bovendien hoger dan de hoeveelheid vervuilers in moedermelk. Wanneer we de verhoogde gevoeligheid van de foetus voor toxische stoffen en mogelijke misvormingen hierbij in beschouwing nemen, is deze blootstelling potentieel gevaarlijker dan de blootstelling van de pasgeborene aan moedermelk. Het is dan ook duidelijk dat de strijd tegen pollutie in het algemeen en het opsporen hiervan in de voeding cruciaal is. Zowel voor moeder als kind geldt immers dat meer dan 90% van de totale dagelijkse blootstelling aan pcb’s en dioxines afkomstig is van voeding. Om de inname van toxische stoffen te beperken kunnen – in het licht van de hogere gevoeligheid van de foetus en pasgeborene – een aantal dieetinstructies preconceptioneel en tijdens de zwangerschap belangrijk zijn. Hierbij denken we aan het vermijden van overmatig gebruik van dierlijke vetten, zuivel en bepaalde vissoorten. Deze bevatten namelijk een hogere concentratie aan vervuilers.
Toxische stoffen worden in de vetreserves van de moeder opgeslagen. Wanneer de moeder op korte termijn veel vermagert kunnen deze contaminanten in de moedermelk terechtkomen. Daarom wordt moeders aangeraden om tijdens de borstvoedingsperiode niet teveel te vermageren.
Onderzoek naar vervuiling van borstvoeding is in opmars. Over het algemeen tonen de resultaten aan dat moedermelk in mindere mate vervuild is dan gewone koemelk, en leveren ze geen bewijzen voor negatieve gezondheidseffecten bij borstgevoede kinderen. Koemelk is als dusdanig minstens even veel gecontamineerd dan moedermelk. Tijdens het adaptatie- of humaniseringsproces van koemelk ten behoeve van de aanmaak van kunstvoeding voor baby’s, wordt deze echter afgeroomd en worden er plantaardige oliën aan toegevoegd. Vermits toxische stoffen de eigenschap hebben om zich op te slaan in dierlijke vetten, worden ze op deze manier verwijderd uit kunstvoeding. Hoewel kunstvoeding dus minder vervuilers bevat dan moedermelk en een goed alternatief is indien de moeder geen borstvoeding wil of kan geven, dienen we ook aandacht te hebben voor de mogelijke risico’s die verbonden zijn aan het geven van kunstvoeding. Denken we hierbij aan bacteriële contaminatie, productiefouten waardoor er zware metalen in terechtkomen, of de gevaren wanneer het foutief wordt bereid door de ouders.
Het bestaande onderzoek naar de contaminatie van moedermelk heeft vaak betrekking op zeer kleine populaties in een beperkte, afgebakende geografische omgeving en maakt gebruik van uiteenlopende chemische analyses. Hiertegenover staat een reeks van uitgebreide en degelijk onderbouwde studies waarin de gunstige effecten van moedermelk op de neurologische ontwikkeling en het immuunsysteem van het kind aantonen. Tot dusver is er geen enkel bewijs dat nadelige gevolgen van toxische stoffen in moedermelk deze gezondheidseffecten tenietdoen. Integendeel, moedermelk zou hier juist tegen beschermen. Moeders aanraden om op basis van onvolledige of zelfs foutieve informatie de borstvoedingsduur te beperken is dan ook erg kort door de bocht.

De boodschap is dan ook duidelijk : er is geen reden voor moeders die kiezen voor borstvoeding om dit niet te doen. Er is evenmin een reden om minder dan zes maanden te voeden, integendeel. Nogmaals, hoe langer men voedt, hoe groter de voordelen.