|
Het standpunt van De Bakermat:
Bovenstaand contra standpunt in Knack heeft bij vele moeders vragen en bezorgdheid teweeggebracht. Hierin wordt gesteld dat moedermelk een groot aantal toxische stoffen bevat zoals dioxine, pcb's, PBDE-vlamvertragers en zware metalen, en dat het geven van borstvoeding gedurende een langere tijd ertoe zou leiden dat baby's in sommige tests voor mentale functies minder goed scoren en ook gedragsstoornissen in de hand gewerkt worden. Er wordt zelfs gepleit om de borstvoedingsperiode te beperken tot een drietal maanden.
Dergelijke desinformatie wekt onterecht de indruk dat kunstvoeding veiliger is dan borstvoeding. De voordelen van borstvoeding in het algemeen, en langdurige borstvoeding in het bijzonder zijn nochtans wetenschappelijk aangetoond.
De geïndustrialiseerde en hoogtechnologische samenleving maakt dat toxische stoffen alomtegenwoordig zijn in ons leefmilieu en in onze voeding. Baby’s en kinderen komen op verschillende manieren in contact met deze contaminanten: tijdens de zwangerschap via de placenta, later via moedermelk, via kunstvoeding, via andere voeding en via de omgeving waarin we leven. De concentratie pcb’s en dioxines die tijdens de zwangerschap aan de foetus wordt doorgegeven ligt bovendien hoger dan de hoeveelheid vervuilers in moedermelk. Wanneer we de verhoogde gevoeligheid van de foetus voor toxische stoffen en mogelijke misvormingen hierbij in beschouwing nemen, is deze blootstelling potentieel gevaarlijker dan de blootstelling van de pasgeborene aan moedermelk. Het is dan ook duidelijk dat de strijd tegen pollutie in het algemeen en het opsporen hiervan in de voeding cruciaal is. Zowel voor moeder als kind geldt immers dat meer dan 90% van de totale dagelijkse blootstelling aan pcb’s en dioxines afkomstig is van voeding. Om de inname van toxische stoffen te beperken kunnen in het licht van de hogere gevoeligheid van de foetus en pasgeborene een aantal dieetinstructies preconceptioneel en tijdens de zwangerschap belangrijk zijn. Hierbij denken we aan het vermijden van overmatig gebruik van dierlijke vetten, zuivel en bepaalde vissoorten. Deze bevatten namelijk een hogere concentratie aan vervuilers.
Toxische stoffen worden in de vetreserves van de moeder opgeslagen. Wanneer de moeder op korte termijn veel vermagert kunnen deze contaminanten in de moedermelk terechtkomen. Daarom wordt moeders aangeraden om tijdens de borstvoedingsperiode niet teveel te vermageren.
Onderzoek naar vervuiling van borstvoeding is in opmars. Over het algemeen tonen de resultaten aan dat moedermelk in mindere mate vervuild is dan gewone koemelk, en leveren ze geen bewijzen voor negatieve gezondheidseffecten bij borstgevoede kinderen. Koemelk is als dusdanig minstens even veel gecontamineerd dan moedermelk. Tijdens het adaptatie- of humaniseringsproces van koemelk ten behoeve van de aanmaak van kunstvoeding voor baby’s, wordt deze echter afgeroomd en worden er plantaardige oliën aan toegevoegd. Vermits toxische stoffen de eigenschap hebben om zich op te slaan in dierlijke vetten, worden ze op deze manier verwijderd uit kunstvoeding. Hoewel kunstvoeding dus minder vervuilers bevat dan moedermelk en een goed alternatief is indien de moeder geen borstvoeding wil of kan geven, dienen we ook aandacht te hebben voor de mogelijke risico’s die verbonden zijn aan het geven van kunstvoeding. Denken we hierbij aan bacteriële contaminatie, productiefouten waardoor er zware metalen in terechtkomen, of de gevaren wanneer het foutief wordt bereid door de ouders.
Het bestaande onderzoek naar de contaminatie van moedermelk heeft vaak betrekking op zeer kleine populaties in een beperkte, afgebakende geografische omgeving en maakt gebruik van uiteenlopende chemische analyses. Hiertegenover staat een reeks van uitgebreide en degelijk onderbouwde studies waarin de gunstige effecten van moedermelk op de neurologische ontwikkeling en het immuunsysteem van het kind aantonen. Tot dusver is er geen enkel bewijs dat nadelige gevolgen van toxische stoffen in moedermelk deze gezondheidseffecten tenietdoen. Integendeel, moedermelk zou hier juist tegen beschermen. Moeders aanraden om op basis van onvolledige of zelfs foutieve informatie de borstvoedingsduur te beperken is dan ook erg kort door de bocht.
De boodschap is dan ook duidelijk : er is geen reden voor moeders die kiezen voor borstvoeding om dit niet te doen. Er is evenmin een reden om minder dan zes maanden te voeden, integendeel. Nogmaals, hoe langer men voedt, hoe groter de voordelen. |